CNV Vakmensen lijkt eruit met cao Motorvoertuigen

‘4%’ loon erbij en lichter werk voor ouderen in Motorvoertuigenbranche

Als de leden hun fiat eraan geven - ook andere merken uiteraard geldig - dan ligt er een nieuwe cao voor de Motorvoertuigenbranche. CNV Vakmensen, collega-bonden en Bovag kwamen vanavond tot een principeakkoord voor een cao met een looptijd van 19 maanden. ‘Dit resultaat heeft voldoende glans om met een positief advies voor te leggen aan onze leden’, zo stelt onderhandelaar Nicole Engmann van CNV Vakmensen na drie onderhandelingsrondes. De leden brengen de komende weken hun stem uit.

De nieuwe cao loopt van 1 april dit jaar tot 31 oktober 2023. De loonsverhogingen komen uit op omgerekend bijna 4% per jaar, maar bestaan uit verschillende delen. Op 1 juni gaan de lonen met 2,3% omhoog en per 1 januari 2023 met bruto 100 euro per maand voor iedereen. De lonen voor jonge werknemers krijgen een vloer op het niveau van schaal 0 bij een afgeronde vakopleiding.

Werknemers tot 55 jaar krijgen een extra vakantiedag.

Overwerk

Gewerkte uren die in aanmerking komen voor een overwerktoeslag zijn in de nieuwe cao hetzelfde gebleven als in de oude arbeidsovereenkomst. Werkgeversorganisatie Bovag wilde deze regeling pas laten gelden ná 21.00 uur. De vakbond heeft die verslechtering kunnen voorkomen. Heeft een werkgever wel behoefte aan een ander zogenoemd dagvenster dan is via de Bedrijfsraad overleg met de vakbonden mogelijk.

Nicole Engmann: De mogelijkheden om eerder te stoppen met werken of minder te werken met behoud van een goed loon en volledig pensioen zijn behouden in de nieuwe cao. De zogenaamde RVU-regeling. Werkgevers zagen daar het nut terdege van in.’

CNV Vakmensen legt het resultaat van de onderhandelingen positief voor aan de leden. Binnenkort krijgen de leden een uitnodiging om hun stem uit te brengen. Engmann: ‘Ik heb wel vertrouwen in de uitkomst. Dit onderhandelingsresultaat is zeer acceptabel als je het vergelijkt met andere sectorcao’s.’

De cao Motorvoertuigen geldt voor circa 81.000 werknemers in werkplaatsen voor motoren, personen- en bedrijfswagens.