Foto van jonge man op straat die zijn tablet leest
De vakbond die verschil maakt
Bruggen bouwen, midden in de maatschappij
Kennisbank

Arbeidstijdenwet

In de Arbeidstijdenwet staat hoe lang je mag werken per dag en per week, en wanneer je recht hebt op rusttijd en pauze. De regels in de Arbeidstijdenwet gelden voor werknemers van achttien jaar en ouder. Voor kinderen onder de 16 en jongeren van 16 en 17 jaar gelden aparte regels. Ook gelden enkele speciale regels voor zwangere of pas bevallen vrouwen.

In de Arbeidstijdenwet staan afspraken over:

  • arbeidstijden
  • rusttijden en pauze
  • nachtdiensten
  • werken op zondag
  • bereikbaarheidsdienst
  • aanwezigheidsdienst

In sommige gevallen kan afgeweken worden van de wet. Voor bepaalde sectoren gelden aanvullende regels volgens het Arbeidstijdenbesluit.

Toepassing van de wet

De Arbeidstijdenwet geldt voor iedereen vanaf achttien jaar die voor een werkgever werkt. Ook uitzendkrachten, stagiairs, en gedetacheerden vallen onder de wet. Soms vallen ook zelfstandigen onder de wet, namelijk als het gaat om de veiligheid van andere mensen. Om onder de Arbeidstijdenwet te vallen moet je minder dan driemaal het minimumloon verdienen. Of, als je meer verdient, moet het gaan om risicovolle arbeid of arbeid in nachtdiensten.

In sommige situaties is de Arbeidstijdenwet niet of gedeeltelijk niet van toepassing. Bijvoorbeeld in geval van plotselinge onvoorziene gevaarlijke situaties, waarbij het naleven van de wettelijke regels adequaat handelen zou belemmeren. Ook geldt de Arbeidstijdenwet niet wanneer de naleving ervan het handhaven van de openbare orde zou verstoren (politie, overheid)

Ook voor sommige vormen van werk geldt de Arbeidstijdenwet niet of gedeeltelijk niet. Zo gelden de regels voor zondagsarbeid niet voor mensen die een geestelijk ambt binnen de kerk hebben.

Zo geldt de wet niet voor:

  • werknemers die ten minste 3 maal het minimumloon verdienen (tenzij  het gevaarlijk werk, nachtdienst of werk door niet-leidinggevenden in de mijnbouw betreft);
  • beroepssporters;
  • wetenschappelijk onderzoekers;
  • gezinsouders;
  • podiumkunstenaars;
  • vrijwilligerswerk;
  • medisch en tandheelkundig specialisten, verpleeghuisartsen en sociaal geneeskundigen;
  • begeleiders van school- en vakantiekampen;
  • militair personeel bij inzet en bij oefeningen.

Weten wat je rechten zijn?

Als lid van CNV Vakmensen krijg je rechtshulp >>





Veelgestelde vragen over werktijden

  • Is mijn pauze in de Arbeidstijdenwet geregeld?

    Ja, zowel het aantal pauzes als de duur daarvan

    Werk je langer dan 5,5 uur, dan heb je volgens de wet minimaal 30 minuten pauze. Die mag worden gesplitst in twee keer een kwartier. Werk je meer dan 10 uur, dan is de pauze minstens 45 minuten. Die mag worden gesplitst in meer pauzes van minimaal een kwartier. In sommige cao’s staan afspraken over minder pauzes. Maar als je langer dan 5,5 uur werkt, heb je in ieder geval recht op 15 minuten pauze.

    Over het aantal pauzes en tijdstip(pen) van pauzes kun je met je werkgever afspraken maken. Pauzes maken geen deel uit van je werktijd. Je werkgever hoeft je dan ook niet tijdens je pauze door te betalen, behalve wanneer dit in je cao anders is aangegeven. 

  • Zegt de Arbeidstijdenwet iets over rusttijd en een langere werkweek?

    Rusttijden tussen twee periodes zijn bij wet geregeld

    Na een werkdag mag je 11 aaneengesloten uren niet werken. Wel mag deze rustperiode eens in de 7 dagen ingekort worden tot 8 uur als de aard van het werk of de omstandigheden dit nodig maken.

    Na een werkweek mag je 36 aaneengesloten uren niet werken. Eindigt je werkweek dus op zaterdag om 16.00 uur, dan mag je maandag om 04.00 uur pas weer aan het werk gaan.

    Een langere werkweek maken mag, maar alleen wanneer je in een periode van 14 dagen minimaal 72 uur aaneengesloten niet werkt. Die rusttijd mag je dan wel opsplitsen in twee perioden van minimaal 32 uur. Bijvoorbeeld twee keer 36 uur, of 32 en 40 uur.

  • Werken op zondag. Hoe zit dat?

    Wanneer je geen aparte afspraak met je werkgever hebt, hoef je niet op zondag te werken

    Een van de uitgangspunten van de wet is dat je op zondag niet hoeft te werken, tenzij je werkgever dit met je heeft afgesproken. Hij mag dit overigens alleen doen als het soort werk dit noodzakelijk maakt. Bijvoorbeeld in de gezondheidszorg, horeca, bepaalde fabrieken of bij de politie of brandweer. Ook kunnen de bedrijfsomstandigheden zondagswerk noodzakelijk maken. In dat geval moet je werkgever eerst met de ondernemingsraad overeenstemming bereiken. Bovendien moet je ook zelf hiermee instemmen. Werk je wel eens op zondag, dan heb je tenminste 13 vrije zondagen per jaar. In een cao kan zijn afgesproken dat dit minder dagen zijn, maar ook daar moet je zelf mee instemmen.